Lies
-

- Ga in spreidstand staan.
- Tenen en voeten wijzen naar voren.
- Buig het niet geblesseerde been (knieën wijzen naar voren).
- De knie is recht boven de voet.
- Het geblesseerde been gestrekt houden (tenen blijven naar voren wijzen).
- Geef met het gestrekte been druk schuin naar beneden.
- Houd het bovenlichaam rechtop.
-

- Ga zitten in kleermakerszit.
- Zet de voetzolen plat tegen elkaar aan.
- Houd met de handen de enkels vast.
- Houd het bovenlichaam en het hoofd rechtop.
- Druk met de ellebogen op de binnenkant van de knieën.
-

- Ga op de knieën zitten.
- Plaats het rechterbeen in een hoek van 90 graden vooruit, de linkerknie is aan de grond.
- Druk de heup en het linker bovenbeen voorwaarts en naar beneden.
-

- Ga op de rug liggen met de knieën iets opgetrokken.
- Schuif beide handen tussen de ondergrond en rugholte.
- Zet door het geven van druk met de onderrug de handen vast op de grond.
-

- Ga in spreidstand naast een tafel staan, met het geblesseerde been het dichtst bij de tafel.
- Maak de band (binnenband fiets) aan één kant stevig vast om de tafelpoot.
- Leg de andere kant, onder de knie, om het geblesseerde been.
- Ga zo ver van de tafel staan dat de band op spanning staat.
- Houd het been gestrekt.
- Breng het geblesseerde been naar het gezonde dus sluit als het ware de benen.
- Breng het been weer terug naar de uitgangshouding.
-

- Ga op het puntje van een stoel zitten.
- De band (binnenband fiets) zit aan de kant van het geblesseerde been vast om een tafelpoot.
- Leg de andere kant van de band om het geblesseerde bovenbeen.
- Ga zover van de tafel zitten dat de band op spanning staat.
- Houd de knie 90 graden gebogen.
- Breng het geblesseerde bovenbeen naar het gezonde bovenbeen, dus sluit als het ware de benen.
- Breng het been weer terug naar de uitgangshouding.
-

- Ga op de rug liggen.
- Met gebogen knieën.
- Voeten op de grond.
- Kantel het bekken achterover (de onderrug gaat tegen de grond).
- Kruis de armen voor de borst.
- Kom met het hoofd en bovenlichaam zover van de grond dat de schouders de grond net niet meer raken blijf gedurende de oefening naar het plafond kijken.
-

- Ga op de rug liggen.
- Met gebogen knieën.
- Voeten op de grond.
- Kantel het bekken achterover (de onderrug gaat tegen de grond).
- Doe de handen achter het hoofd.
- Kom met het hoofd en bovenlichaam zover van de grond dat de schouders de grond net niet meer raken.
- Daarbij afwisselend met de rechterschouder richting de linkerknie en met de linkerschouder richting de rechterknie.
- Blijf gedurende de oefening naar het plafond kijken.
Toon alle details
Verberg alle details